Delft Gasthuisplaats – Verslag Discussiemiddag 11 december 2017

BIJEENKOMST IZ GASTHUISPLAATS – HISTORIE & ARCHEOLOGIE

11 december 2017

Na het Architectuurcafé in juli 2017 over studentenontwerpen voor een publieke functie voor de Gasthuisplaats heeft in september een vervolg plaats gevonden over de gewenste functies voor de Gasthuisplaats. De stellingen van Stadsbouwmeester Patijn en het overige besprokene die middag zijn na te lezen op www.gasthuisplaats.nl. Die middag bleek dat als één van de belangrijke vervolgonderwerpen de historie en archeologie van de Gasthuisplaats aandacht moet krijgen bij het formuleren van randvoorwaarden voor een ontwikkeling van die plek.

Daarom is, wederom i.s.m. Delft Design, een 2e middag onder leiding van Stadsbouwmeester Patijn met twee inleiders gehouden op 11 december. Oud-stadsarcheoloog Epko Bult heeft inzicht gegeven in door hem verricht archeologische onderzoek op deze plek waar het oudste ziekenhuis van Nederland eens stond en Ilse Rijneveld van de gemeente Delft heeft haar kennis gedeeld over de bijzondere geschiedenis van deze plek. Beide presentaties zijn op deze website te lezen. Hieronder een samenvatting van het besprokene met ca 30 aanwezigen in het Prinsenkwartier.

Epko Bult (EB) heeft als eerste verteld dat nadat Delft in 1246 stadrechten kreeg, het ontstaan van het Heilige Geest Gasthuis in 1252 ontstaan is vanuit het verderop aan de Schie liggende Klooster Koningsveld dat in 1572 i.o.v. Willem van Oranje in brand is gestoken. Het Gasthuis kreeg in 1264 een kapel, een jaar later met begraafplaatsen. De oudste graven zijn gedolven aan de zijde van de Koornmarkt en de jongste richting Brabantse Turfmarkt; er zijn ca 1.000 graven reeds onderzocht in meerdere onderzoeken. Belangrijke bevindingen uit de opgravingen zijn geweest dat mensen in Delft relatief gezond waren in vergelijking met mensen uit andere steden, blijkens een grotere gemiddelde lengte, hetgeen een maatstaf is voor gezondheid. Dat de mensen in Delft malaria hebben gehad, vanwege de aanwezigheid van zout gemengd met zoet water, blijkt uit gaatjes in oogkassen. En mensen in de middeleeuwen hebben meer ronde schedels en dus -gezichten dan die in de 17e eeuw en later die meer langgerekte schedels en dus -gezichten hadden, iets dat ook valt te zien op schilderijen.

Wat kan het beste gebeuren met de graven? Hoe langer laten liggen, hoe beter volgens EB, omdat technieken voor onderzoek aan de skeletten snel verbeteren.

Hoeveel en waar liggen de graven? EB schat dat er nog 1.000 kunnen liggen, alle in de genoemde richting en vanaf de zuidzijde aan de Koornmarkt tot aan de tuinen aan de Brabantse Turfmarkt.

Wat is er nog meer relevant voor de ontwikkeling van de Gasthuisplaats? EB wijst er op dat bij de onderzoeken behoorlijk zware funderingen zijn aangetroffen van de diverse versies van de kapel en haar uitbreidingen, welke nog steeds in de ondergrond aanwezig zijn.

Ilse Rijneveld adviseur Monumenten van de gemeente Delft noemde haar exposé “Een nieuwe kans voor de Gasthuisplaats” en is ingegaan op de geschiedenis van de plek die ze, door voortschrijdend inzicht, zelf inmiddels anders is gaan zien. Vastgesteld kan worden dat het Gasthuis dat ruim 700 jaar op de plek heeft gestaan, behoort tot de oudste ziekenhuizen van Nederland en in Europa. Een foto uit ca 1860 vanaf de Koornmarkt laat het Gasthuis met haar Kapel in de laatste dagen van haar volle luister zien. De opkomst van de medische ziekenzorg als opvolger van de oude zielenzorg en daarmee verschuiving van de financiering van Kerk naar Staat heeft dat aanzicht daarna ingrijpend veranderd.

De Wet die de HBS en haar financiering regelde was aanleiding om na sloop van de kapel, aan de Koornmarkt aan de zijde van de Gasthuissteeg in 1864 de HBS voor vijfjarige opleiding te bouwen. Aan het eind van die eeuw gevolgd door nieuwbouw van het ziekenhuis door stadsarchitect Hartmann. Het hoofdgebouw kreeg haar plek aan een tuin die lag tussen Synagoge en HBS en was vanaf de Koornmarkt bereikbaar via een poort. De bijgebouwen strekten zich uit tot de Brabantse Turfmarkt waar de bestaande apotheek haar functie behield. Na 1900 is het complex verder uitgebreid en verdicht door de sterke opkomst van de medische zorg. Zo kwamen er ambulance-gebouwen aan de Koornmarkt en verderop in het perceel een openluchtpaviljoen. Ook de verpleging groeide sterk en dit noopte tot huisvesting en zo werd in 1930 de HBS omgebouwd tot Zusterhuis door architect Kraan uit Oegstgeest.

Eind jaren ‘50 is het ziekenhuis verplaatst naar de Westlandseweg en is nog even sprake geweest van een nieuw Stadhuis op de Gasthuisplaats. Zover is het niet gekomen en als tijdelijke oplossing is de Gasthuisplaats als parkeerterrein gebruikt. Tot stadsvernieuwingsplannen aan de Gasthuislaan eind jaren ’60 de Congregatie haar gebouw aldaar lieten inleveren, waarvoor ter compensatie architect Haak in 1970 het Congregatiegebouw in opdracht van de gemeente Delft heeft gerealiseerd.

Het inzicht in de “laagjes van de geschiedenis” is het belangrijkste van de Gasthuisplaats. Van historisch belang zijn zonder meer de gebouwen van Apotheek en Zusterhuis. Het hergebruik nu laat ook zien dat het een mooi gebouw is. Daarnaast is van belang dat er rekening wordt gehouden met de culturele waarde van de plek als geheel. Met de volgende schets, waarop in rood de nog bestaande historische gebouwen, werd dit als slot duidelijk gemaakt.

Afsluitend is aangegeven dat het door architect Hartmann getekende hoofdgebouw over meerdere graven heen moet liggen, dus dat de archeologisch relevante skeletten -gegeven de aanlegdiepte van de funderingen- ca 2 à 2,5 meter diep liggen.

Epko Bult heeft aangekondigd dat vanuit gemeente Delft een verzoek ligt om een inventarisatie van archeologische randvoorwaarden voor de Gasthuisplaats en het opstellen van een Programma van Eisen voor archeologisch onderzoek op die plek.

Desgevraagd is door Stadsbouwmeester Patijn en door Sjoerd Tiemstra toelichting gegeven op de plannen voor ontwikkeling van de Gasthuisplaats. Vanuit de gemeente Delft is hiertoe nog geen initiatief bekend. In januari zullen we in een open brief aangeven hoe het proces verder vorm te geven en zal de eerste interactie met eigenaren en belanghebbenden worden gepland. Belanghebbenden worden door ons benaderd om mee te doen in een Klankbordgroep die in ieder geval ook de eerdere Klankbordgroep (2004 e.v.) omvat, maar nu verder wordt uitgebreid. Wytze Patijn heeft toegezegd in de rol van stedenbouwkundige door te gaan met deze ontwikkeling omdat de initiatiefnemers hiervan geen zakkenvullers zijn.

Lijst deelnemers bijeenkomst 11 december 2017:
George Buzing, Frank Elshof, Marja Groenendaal, Gjalt Rienks, Gerard Meijerink, Wil van Iperen, Teun van der Heijden, Jan Snijders, Martin Zoetmulder, Leo Zuijderwijk, Marieke Bedaux, Els Kemper, Frans van Hintum, Astrid Keers, Peter Jonquière, Bert Wubben, Henk van Bergen, Ton van Bergen, Wilfried van Winden, Michiel Dol, Matthijs Termeer, Ilse Rijneveld, Epko Bult, Hans Bakker, Jos van de Lindeloof, Wytze Patijn, Sjoerd Tiemstra